Parasieten, een onderschat probleem

Parasieten: Een onderschat probleem, ook in Nederland

Wanneer mensen aan parasieten denken, stellen ze zich vaak tropische gebieden voor, met slechte hygiënische omstandigheden en ondervoeding. Maar wist je dat ook in Nederland parasitaire infecties verrassend vaak voorkomen? Je hoeft dus niet op vakantie naar een ver land om besmet te raken. Parasieten zijn overal — en soms dichterbij dan je denkt.

Parasieten zijn niet alleen een probleem van verre landen

Hoewel tropische gebieden weliswaar een verhoogd risico vormen, komt een aantal parasitaire infecties ook veelvuldig in Nederland voor. Denk bijvoorbeeld aan:

Toxoplasma gondii (de veroorzaker van toxoplasmose),
Trichomonas vaginalis (een veelvoorkomende soa),
Enterobius vermicularis (de bekende aarsmade).

Deze parasieten kunnen ongemerkt in ons lichaam aanwezig zijn en allerlei klachten veroorzaken. Daarom is het belangrijk om alert te zijn op signalen en symptomen.

Wat zijn parasieten en wat doen ze in je darmen?

Parasieten. Het woord klinkt misschien wat exotisch, maar wist je dat ze overal om ons heen – en zelfs in ons – kunnen leven? Een parasiet is een organisme dat leeft op of in een ander levend wezen en daarvan profiteert. Denk aan vlooien, luizen, teken of de maretak die je soms in bomen ziet hangen. Hoewel deze parasieten meestal niet levensbedreigend zijn, kunnen ze wel ongemakken veroorzaken.

Maar niet alle parasieten zijn met het blote oog zichtbaar. Sommige zijn microscopisch klein, zoals wormen of eencellige organismen die in je darmen kunnen nestelen. Bekende voorbeelden hiervan zijn Dientamoeba fragilis en Blastocystis hominis. Deze worden ook wel protozoa genoemd.


Wat gebeurt er als een parasiet zich in je darmen vestigt?

Het woord 'parasiet' komt van het Griekse ‘para-sitos’, wat letterlijk ‘mee-eter’ betekent – en dat is precies wat deze organismen doen. Darmparasieten voeden zich met voedingsstoffen uit jouw spijsvertering, maar ook met bacteriën in de darm, zowel de goede als de minder wenselijke.

In veel gevallen merk je weinig van hun aanwezigheid. Maar zodra deze parasieten zich gaan hechten aan het darmslijmvlies, kunnen er problemen ontstaan. Het immuunsysteem herkent de indringer en probeert deze te bestrijden, wat leidt tot een lokale ontstekingsreactie. Dit gevecht tussen parasiet en lichaam kan zorgen voor irritatie van het slijmvlies, een opgeblazen gevoel, buikpijn en algemene malaise.

Chronische ontstekingen door parasitaire infecties kunnen ervoor zorgen dat het slijmvlies opzwelt. Dit kan weer invloed hebben op de spijsvertering, opname van voedingsstoffen en zelfs je algehele welzijn.

Herkenbare symptomen van een parasitaire infectie

In de Merck Manual of Medical Information (Porter, 2009) wordt een breed scala aan symptomen genoemd die mogelijk wijzen op een parasitaire besmetting. De klachten variëren sterk en zijn afhankelijk van het type parasiet, de locatie in het lichaam en de ernst van de infectie. Hieronder een overzicht van symptomen die verband kunnen houden met parasitaire infecties:

  • Diarree, winderigheid en buikkrampen
  • Onverklaarbaar gewichtsverlies
  • Buikpijn of zelfs buikvliesontsteking (peritonitis)
  • Leverabcessen (met koorts, rillingen, pijn in de leverstreek)
  • Jeukende huiduitslag of huidinfecties
  • Hoge koorts, bloedarmoede, geelzucht en donkere urine
  • Jeuk rond de anus, vooral 's nachts
  • Darmbloedingen
  • Hoesten, benauwdheid of tekenen van longontsteking
  • Hoofdpijn en neurologische klachten
  • Vergroting van lever, milt of lymfeklieren
  • Chronische blaasinfecties, mogelijk met risico op blaaskanker
  • Ooginfecties met verminderd zicht
  • Hersentoxoplasmose (met spraakstoornissen, verwardheid, epileptische aanvallen)
  • Algemene klachten zoals moeheid, rillingen en huiduitslag
  • Ernstige ontstekingen van hersenen, lever, longen of hart


Niet elke klacht betekent een parasitaire infectie

Hoewel deze symptomen indrukwekkend (en soms beangstigend) kunnen klinken, is het belangrijk om te benadrukken dat ze ook andere oorzaken kunnen hebben. Niet iedereen met een aantal van deze klachten heeft automatisch een parasitaire infectie. Toch kan het in sommige gevallen zinvol zijn om een parasietentest of -behandeling te overwegen — zeker wanneer reguliere diagnoses uitblijven of klachten chronisch worden.

Blijf alert, ook in Nederland

Kortom: parasitaire infecties zijn geen ver-van-je-bed-show. Ze komen ook in Nederland voor, vaak zonder dat we het in de gaten hebben. Door alert te zijn op signalen en je gezondheid serieus te nemen, kun je veel klachten voorkomen of verlichten.

Er is geen exact percentage bekend van hoeveel Nederlanders parasieten in hun lichaam hebben, omdat dit afhankelijk is van de parasietensoort, de onderzoeksmethode en of mensen symptomen hebben of niet. Wel zijn er enkele schattingen en wetenschappelijke inzichten:

Geschatte aantallen en feiten:


Aarsmaden (Enterobius vermicularis): Vooral bij kinderen komen infecties veel voor. Het RIVM meldt dat 5–50% van de kinderen in bepaalde groepen besmet kan zijn, vooral op kinderdagverblijven en basisscholen.

Toxoplasma gondii: Ongeveer 40% van de Nederlandse bevolking komt ooit in aanraking met deze parasiet, vaak zonder klachten. De parasiet blijft dan latent in het lichaam aanwezig.

Giardia lamblia: Deze darmparasiet komt in Nederland geregeld voor. Naar schatting worden jaarlijks enkele duizenden besmettingen gemeld, maar het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk veel hoger door onderrapportage.

Trichomonas vaginalis: Een van de meest voorkomende soa’s wereldwijd, ook in Nederland. Exacte Nederlandse cijfers zijn beperkt, maar de prevalentie bij seksueel actieve vrouwen wordt wereldwijd op 1–10% geschat.

Darmparasieten bij reizigers: Nederlanders die naar risicogebieden reizen, lopen een hoger risico. Na een verblijf in tropische landen wordt bij 10–30% van de reizigers een parasiet gevonden.

Samenvattend:

Hoewel er geen eenduidig percentage is, kun je stellen dat een aanzienlijk deel van de Nederlanders (geschat 40%) ooit in contact komt met parasieten, vaak zonder het te weten. In specifieke groepen (zoals kinderen, reizigers of mensen met verminderde weerstand) kunnen de percentages aanzienlijk hoger liggen.